
Knettergek!
Dat was de omschrijving die de omstreden Nederlandse politicus Geert Wilders deze week lanceerde in het Nederlandse parlement. Hij had het over de aanwezige Minister voor Wonen, Wijken en Integratie Elly Vogelaar.
Het woord sneed door merg en been. Half Nederland voelde zich opgelucht omdat het er eindelijk ‘uit’ was, de andere helft keek op dat ogenblik niet naar Nova.
Bij de vroede dames en heren die zichzelf verantwoordelijk noemen voor het beleid van het Rijk, kwam het evenwel zo hard aan dat premier Balkenende meteen ingreep en Wilders tactvol maar kordaat de levieten las. Parlementsleden zijn beleefde mensen die liever rond de vetpot draaien dan hun gedacht te zeggen. Bovendien verscheuren wolven mekaar niet.
Dat je hem ‘Balk
ellende’ noemt, deert hem niet. Maar een vrouwelijke minister knettergek noemen, dat hoort niet!
Ik heb sympathie voor Jan-Pieter Balkenende en ik weet niet waarom. Politiek kan ik hem niet beoordelen, daarvoor ken ik de Nederlandse situatie te weinig. De keren dat ik er kom, stel ik wel vast dat mensen er niet echt ongelukkig zijn. Ze zeuren niet zoals in België, omdat ze natuurlijk onderling al geen twee culturen moeten verzoenen.
België is zoals een wat kneuterig huisgezin met twee puberdochters: de ene klaagt dat ze nog geen behaatje mag dragen, de andere dat ze ‘t niet mag uitlaten. Ondertussen gaat pa biljarten en pijpt moeder de buurman.
Nederland teert daarentegen nog steeds grootsprakerig op de herinnering dat ze als laagste landje bij de zee ooit de wereld veroverden met hun Oost-Indische Compagnie.
Hoe dan ook, de economie floreert er en in de winkelstraten lopen mensen met zwaargevulde tassen. Er is dus koopkracht en die wordt nog besteed ook. Alle Nederlandse warenhuisketens die bij ons een vestiging openen, eventueel om fiscale verliezen te realiseren, hebben eerst bij hen hun kapitaal verdiend. De restaurantkeukens zijn er ondermaats, maar de tafels zitten vol. De Nederlander doet zich niks te kort en deelt graag mee. De Nederlander is gul voor zichzelf en voor anderen. Wie sprak daar van zuinige Ollanders?
Bij ons wordt er voorzichtig gespaard, door de weinigen die nog iets over hebben, omdat elk ogenblik een langdurige, economische hongerwinter kan uitbreken. Het gaat ons niet echt goed en we hebben geen vertrouwen in de toekomst. Dat is het verschil.
Dus, ik heb een fijn beeld van onze Noorderburen waar ik trouwens graag kom en waar ik waardevolle vrienden heb. Maar de kern zie ik natuurlijk niet omdat ik er niet leef. Ik kan dus ook niet oordelen over de kwaliteiten van Jan-Peter Balkenende als premier. Ik zou het me trouwens ook niet aanmatigen om te oordelen over wat in ’t buitenland gebeurt, terwijl we er hier zelf een Zuid-Amerikaans bananenzootje met Cubaanse dictatoriale trekjes van maken.
Waarom heb ik het dan voor die man? Wel, simpel, de smoel van het kereltje spreekt me aan! Heel erg subjectief, ik weet het, maar ik kan er niet aan voorbij. Hij heeft iets eerlijks, iets jongensachtigs. Vooral, iets kwetsbaars. Niet de gespeelde tranen van de opportunistische bullebak Bert Anciaux, maar veeleer de ziel van Ciske de Rat.
Daarom vond ik het zo sneu voor hem dat, onmiddellijk nadat hij grootmoedig de verdediging opnam van zijn minister, diezelfde trut hem compleet belachelijk maakte door in en met haar repliek te bewijzen dat Geert Wilders gelijk had.
Wie vandaag, na 40 jaar afglijden in een steeds grotere mislukking zonder één pluspuntje, nog durft zeggen dat we moeten solidair zijn met het uitschot van de hele wereld en onze huizen daarvoor openen zonder dat we ook maar iets in de plaats krijgen, dat multicul een verrijking is van onze eigen cultuur terwijl het alleen misdaad en verloedering betekent, dat een op wraak en onderdrukking gebaseerd maatschappijmodel als onze toekomstig verplichte godsdienst wordt voorgesteld,... wie niet ziet dat alle inspanningen en door de jaren heen al honderden miljoenen subsidies voor integratie door de betrokken bevolkingsgroep omgebogen worden om zich te kunnen groeperen in een bedreigende ghettovorming,… is effectief knettergek. Compleet mesjogge. Rijp voor opname in een gespecialiseerde instelling.
Bij ons lopen er ook zo rond.