Vandaag krijgen ongeveer 3.000 Nederlandse woorden officieel een nieuwe spelling. De laatste herziening van de spellingregels dateert van 1994. Toen was het van 1948 geleden. De volgende zal wellicht geen 11 jaar op zich laten wachten.
Waarom moet soms een spelling herzien worden? Omdat een taal leeft, beweegt, evolueert en best in een bedding gehouden wordt. Als er geen regels zijn, ontaardt een taal in een strikt persoonlijk koeterwaals waarmee je niet verder kan communiceren dan in de onmiddellijke omgeving. Een taal moet voor een grote groep eenvormig en herkenbaar zijn.
Bovendien 'slijt' een taal ook. Klanken veranderen, medeklinkers vallen soms weg, lettergrepen vergroeien in elkaar, uitgangen worden ingeslikt. Op de duur ontstaan er, op een haast organische manier, nieuwe woorden. Aan plaatsnamen is dat nog goed merkbaar. De gemeente Woijnegem heette oorspronklelijk Willingeningaheim en Puurs heette Poederseele. Dus is het goed om tussendoor eens opnieuw orde in de chaos te brengen.
Wat vandaag gebeurt, vergroot alleen maar de chaos. Het Nederlands wordt niet opnieuw genormeerd. Het is lekken dichten met suikerklontjes. Dat helpt ook niet.
Het, louter omwille van politieke opportuniteiten, opnemen van Surinaamse woorden zoals 'handknie' (= elleboog), is helemaal van de gekke! Waarom dan ook niet 'hijsbakkie' voor lift of 'groenmansein' voor verkeerslicht, uit het Afrikaans? Of 'skutjesielen' uit het Fries? Alleen woorden zoals 'plezant' en 'goesting' blijven denigrerend als Vlaams beschouwd worden en behoren nog steeds niet tot het Algemene Nederlands. Zou die spellingcommissie niet beter een clownsact instuderen en de kermissen beginnen af te dweilen?
Het Nederlands moet vollédig herbekeken worden. Niet als bezigheidstherapie voor heemkundigen of academici, maar door gewone mensen die zich elke dag van die taal bedienen, nog een beetje gezond verstand hebben overgehouden en vooral niet gehinderd zijn door belangengroepen of ideologieën.
De progressieve spelling uit de jaren ’60 van vorige eeuw is nooit officieel erkend geweest, maar eigenlijk stond die het dichtst bij een moderne, functionele taal. Gebaseerd, op wat in computertermen WYSIWYG heet: what you see is what you get. Je spelde de woorden zoals je ze hoorde. Corruptie schreef je met PS…
De spelling was nog niet helemaal fonetisch en nog niet zo gedurfd dat ook de spraakkunst moest herzien worden, maar het was een begin.
Waarom is die progressieve spelling aan te raden? Omdat ze duidelijk is, de eerste doelstelling van een taal. Als je k hoort dan schrijf je toch geen c? En als je t hoort, waarom zou je dan d, laat staan dt schrijven? In 1948 schrapten we toch ook de ch achter s in bosch en visch!
Akkoord, dat het op de duur moeilijker wordt om de herkomst van woorden te achterhalen, maar welke rol speelt die in een gewoon gesprek of een leestekst? Dat is het probleem van etymologen, niet van communicatoren.
Jarenlang hebben we die dubbele spelling gehanteerd, elk met eigen regels. Het belangrijkste was, dat we consequent of konsekwent bleven.
In 1994 kwam daar een einde aan. Het had een unieke kans kunnen zijn om het Nederlands als taal zodanig te manifesteren dat het daarna decennialang zou kunnen evolueren en er slechts kleine aanpassingen nodig waren. Dat is niet gelukt.
De laatste spellinghervorming was de meest amateuristische miskleun sinds de middeleeuwen toen er helemaal geen spellingregels waren en iedereen – die kon schrijven - naar eigen goeddunken spelde.
Vlaanderen miste hier een kans voor jaren!
De spellingcommissie was helemaal gedomineerd door Nederland en zoals we allen weten, hebben de Nederlanders geen taalgevoel, zeker niet voor hun moedertaal. Hoewel Vlaanderen en weldenkend Nederland voorstander waren om een deel van de progressieve spelling te behouden, begonnen in Nederland plots politieke motieven mee te spelen.
Vlaanderen wilde af van het gebruik van de letter c in plaats van k, omdat het te francofoon lijkt. En Nederland verkoos de c omdat k te Germaans was en Nederland nogal overgevoelig is als het over Duitsland gaat. Het werd dus c!
De discussie over de tussen-n is al even absurd. De regel was duidelijk, de uitzonderingen ook. Alleen het woord ‘koninginnehapje’ werd een onlogische uitzondering omdat de Nederlanders maar 1 koningin in functie hadden en er dus nooit een meervoud kon zijn…
Woorden die lange tijd fout gespeld werden, werden ineens op die wijze genormalizeerd. Gekker kan niet!
Tegelijk werden woorden uit een vreemde taal overgenomen als correct Nederlands, zonder naar een alternatief te zoeken. Engelse werkwoorden kregen plots een Nederlandse vervoeging die nergens meer op sloeg. Dat was ook het geval met meervoudsvormen. Zo is het meervoud van Royalty in het engels royalties en in het Nederlands royalty’s.
De herziening die nu plaatsheeft, is al even amateuristisch, onlogisch en dweilt met de kraan open. Alleen de uitgevers van het Groene Boekje worden er beter van. Ouders zullen voor nieuwe schoolboeken nog eens in de geldbeugel mogen tasten. Bedrijven zullen hun correctieprogramma’s moeten vernieuwen. Leerkrachten en journalisten zullen op bijscholing moeten.
De aanpassingen zijn zo absurd, dat over tien jaar niemand nog zonder fouten kan schrijven.
Maar er is ook goed nieuws: over 10 jaar zal niemand nog een fout herkennen.